skip to Main Content
29. Voor Eeuwig

29. Voor eeuwig

Twee weken geleden vierden we dat mijn ouders 39 jaar en 260 dagen samenleven. Best een knappe prestatie, al helemaal als je bedenkt dat mijn moeder mijn vader eerst absoluut niet zag staan. Hij was daarentegen op slag verliefd toen hij haar op een dag de trap van de Sociale Academie in Groningen zag afkomen.

Het waren de jaren ’70 en totaal in de tijdsgeest was ook op de Academie vorm belangrijker dan inhoud en vrijheid belangrijker dan regels. Mijn vader had dus alle tijd om de aandacht van de liefde van zijn leven te winnen. En dat werkte: na een paar zelfgeschreven liedjes en (heel belangrijk in die tijd) het laten staan van baard en snor viel mijn moeder uiteindelijk toch voor zijn charmes.

Met zo’n romantische vader als voorbeeld is het voor mijn vriend best lastig om hem in dat opzicht te evenaren. Daar komt nog eens bij dat ik me als enig kind soms best als een prinsesje gedraag. Hij krijgt van mij dan ook regelmatig de vraag of het niet eens tijd wordt voor een ontbijtje op bed, of een massage misschien?

Meestal hoort hij me aan en soms geeft hij zelfs gehoor aan mijn gebedel. Maar geheel terecht wees hij me er laatst op dat ik zelf geen haar beter ben. Ook ik blijf liever in bed liggen dan dat ik een kopje koffie voor hem maak, en ik kan me ook niet herinneren wanneer ik voor het laatst spontaan een cadeautje voor hem heb gekocht.

Maar ik zal mijn leven beteren. Afgelopen zaterdag bezocht ik de expositie ‘LEGO The art of the Brick’ in Amsterdam. Een van de beelden heette ‘Voor Eeuwig’ en toont in 10.584 rode legosteentjes een naakte man en vrouw. Hij heeft een flinke buik en ook zij zit niet meer al te strak in haar vel, maar ondanks dat houden ze elkaars hand stevig vast. Op het bijschrift stond: “Liefde is voor eeuwig. Liefde gaat tot voorbij de jeugd, het bierbuikje, het mooie lange haar. Dat maakt liefde zo mooi.”

“Kijk” zei mijn nichtje, “Dat zijn jij en Thijs als jullie later oud zijn.” Nog een kleine maand en dan zijn we acht jaar samen. En ik zou heel blij zijn als we dat over 31 jaar en 260 dagen nog steeds zijn. Ook al moet ik daarvoor af en toe door de regen om een ontbijtje te halen. Want zelfs de dingen waarvan je wil dat ze voor eeuwig hetzelfde blijven, hebben soms toch verandering nodig.

Back To Top